Definitief besluit vooroverleg rulings met internationaal karakter gepubliceerd

2 juli 2019

Op 28 juni 2019 heeft de staatssecretaris van Financiën een besluit gepubliceerd, waarmee invulling wordt gegeven aan het vernieuwde rulingbeleid voor rulings met een internationaal karakter (hierna: internationale rulings). Dit besluit vervangt drie eerdere rulingbesluiten (van 3 juni 2014) en is per 1 juli 2019 in werking getreden. Het doel van de herziening is om de kwaliteit van de rulingpraktijk voor bedrijven met reële activiteiten verder te borgen en de robuustheid te vergroten. Er komen strengere eisen rondom de afgifte van internationale rulings en daarnaast worden de regels rondom de afgifte van deze rulings transparanter.

Op 22 november 2018 had de staatssecretaris in een brief aan de Tweede Kamer al de hoofdlijnen van de herziening van de rulingpraktijk geschetst en op 23 april 2019 is het beleidsbesluit in concept bekendgemaakt. Het definitieve besluit is nagenoeg gelijk aan het conceptbesluit, zodat wij hierna een overzicht van de hoofdlijnen geven en voor het overige volstaan met een verwijzing naar onze eerdere berichtgeving.

Proces

  • Voortaan zullen alle internationale rulings aangevraagd met ingang van 1 juli 2019 of nog niet per die datum afgehandeld, ter beoordeling langs in ieder geval één centraal team gaan, het nieuwe College Internationale Fiscale Zekerheid (IFZ).
  • Een verzoek tot vooroverleg over een internationale ruling dient in eerste instantie wel aan de competente inspecteur te worden gericht. Bij bepaalde specifiek omschreven onderwerpen schakelt de inspecteur het nieuwe Behandelteam IFZ in, dat dan het vooroverleg gaat voeren (in samenspraak met de inspecteur). In alle gevallen wordt de ruling vervolgens dus voorgelegd aan het College IFZ.
  • In situaties dat sprake is van een potentiële buitenlandse investeerder wordt een verzoek tot vooroverleg gericht aan het Aanspreekpunt potentiële buitenlandse investeerders (APBI).
  • Een verzoek tot het sluiten van een bilaterale of multilaterale ‘advance pricing agreement’ (APA) moet worden gericht aan de directie Internationale Zaken en Verbruiksbelastingen van het Ministerie van Financiën (IZV).
  • De mogelijkheid om een rulingverzoek vooraf te laten gaan door een zogenoemde pre-filingmeeting met de Belastingdienst blijft in beginsel bestaan.
  • Kleinere ondernemingen kunnen bij een APA-verzoek door de Belastingdienst worden ondersteund bij de aanlevering van vergelijkbare cijfers van onafhankelijke marktpartijen.

Transparantie

  • Van elke nieuw af te geven internationale ruling zal een geanonimiseerde samenvatting worden gepubliceerd.
  • Ook zal een samenvatting worden gepubliceerd van de gevallen waarin de ruling niet tot stand is gekomen, inclusief de reden daarvoor.
  • Het jaarverslag van de Belastingdienst zal voortaan betrekking hebben op alle internationale rulings en niet alleen op APA’s en ‘advance tax rulings’ (ATR’s).

Inhoud

  • Om zekerheid vooraf te verkrijgen geldt per 1 juli 2019 in plaats van een lijst met substance-eisen het vereiste van ‘economische nexus’ met Nederland: de vennootschap die het verzoek indient moet deel uitmaken van een concern dat in Nederland bedrijfseconomische operationele activiteiten uitoefent en er moeten voor rekening en risico van die vennootschap bedrijfseconomische operationele activiteiten worden uitgeoefend waarvoor op concernniveau voldoende relevant personeel in Nederland aanwezig is.
  • Naast de gevallen waarin niet wordt voldaan aan de eis van Nederlandse economische nexus wordt evenmin zekerheid vooraf gegeven in gevallen waarin:
    • het besparen van Nederlandse en/of buitenlandse belasting de enige dan wel doorslaggevende reden is voor het verrichten van de rechtshandelingen of transacties (motief); en/of
    • de gevraagde zekerheid vooraf betrekking heeft op transacties met entiteiten die zijn gevestigd in landen die op de Nederlandse zwarte lijst staan (laagbelastende staten en niet-coöperatieve jurisdicties).
  • Voortaan zal verder in beginsel voor alle internationale rulings een looptijd van maximaal vijf jaar gelden. Alleen in uitzonderingsgevallen (bijvoorbeeld bij langlopende contracten) kan deze worden verlengd tot tien jaar. Wel moet er volgens het besluit dan halverwege een evaluatie plaatsvinden.
  • In alle gevallen zal een internationale ruling worden vastgelegd in de vorm van een vaststellingsovereenkomst (vso).

Commentaar Meijburg & Co

De maatregelen betekenen onder meer dat belastingplichtigen/concerns die zich alleen om fiscale redenen in Nederland vestigen en hier verder geen economische nexus hebben geen ruling meer krijgen van de Belastingdienst. Het concept ‘economische nexus’ betekent naar verwachting dat de drempel voor het verkrijgen van zekerheid vooraf in alle gevallen hoger komt te liggen dan op basis van de lijst met substance-eisen het geval was. De staatssecretaris beaamde eerder overigens al dat, aangezien de wet door het nieuwe beleid niet wijzigt, het niet langer overeenkomen van een ruling voor bepaalde structuren niet wil zeggen dat deze structuren zullen verdwijnen. Rulings die voor 1 juli 2019 zijn afgegeven vallen niet onder het nieuwe beleid.

Mocht u vragen hebben of willen overleggen, neemt u dan gerust contact op met uw adviseur bij Meijburg & Co.

© 2019 Meijburg & Co, Tax & Legal, is een samenwerkingsverband van besloten vennootschappen, staat ingeschreven in het Handelsregister onder nummer 53753348
en is aangesloten bij KPMG International Cooperative ("KPMG International"), een Zwitserse entiteit. Alle rechten voorbehouden.